geen gerelateerde objecten/artikelen gevonden.

Olieslager

Uit VerhalenWiki

Ga naar: navigatie, zoeken
Olieslager
Ook reeds in de eeuwen voor ons maakte men gebruik van oliën gewonnen uit zaden. Deze oliën werden voor allerhande doeleinden gebruikt, zoals voor bakken en braden, maar ook olie om de olielamp op te laten branden of (lijn)olie om verf mee te bereiden. De lijnolie werd vaak in de grote steden gewonnen, terwijl op het platteland meestal olie gewonnen werd voor lokaal gebruik, uit gewassen die ter plaatse werden geteeld. Zaden waaruit olie gewonnen werd waren onder andere lijnzaad, aardnoten, raapzaad en koolzaad. Om de olie uit de zaden te persen maakte de olieslager gebruik van een molen. Aanvankelijk waren dat watermolens of rosmolens, maar later kwamen de windmolens meer in zwang.

Ook in Delft stonden oliemolens. Eén daarvan was molen 'De Otter' (voorheen de 'Steckmolen') die tussen 1826 en circa 1857 als zodanig in gebruik was. De Otter stond aan de Phoenixstraat naast molen 'De Roos' en was eigendom van Cornelis Rodenrijs.
Waarom heette iemand die werkzaam was in deze branche dan olieslager? Het woordje slager komt van het olie 'slaan': nadat de zaden tussen twee kantstenen fijngemalen waren, werd de warm gemaakte meel in een slagblok met behulp van heien en wiggen geslagen om de olie vrij te maken. Olie bedoeld voor speciale doeleinden, zoals de bereiding van verf, werd koud geperst. Een beroepsziekte van olieslagers was doofheid, vanwege het enorme lawaai dat continu op de werkvloer aanwezig was.

Bronnen: Wikipedia, Nederlandse Molendatabase, Delftse Windmolens

Recherche avancée   
Critère 1      --
                        et   ou   sauf
Critère 2      --
                        et   ou   sauf
Critère 3      --
                        et   ou   sauf
Critère 4      --
                        et   ou   sauf
> Classer les r�sultats par  
lancer
Deze website maakt gebruik van cookies. Informatie over cookies