geen gerelateerde objecten/artikelen gevonden.

Turftonster

Uit VerhalenWiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Is het eigenlijk wel een ambacht te noemen, het beroep turftonster? Het verhaal is eigenlijk evengoed te plaatsen in de categorie personen. Hoe dan ook, dit is het verhaal over Johanna Maria de Raat en het is grotendeels ontleend aan het boek Delft gezien door de ogen van HET DELFTSE GESLACHT STUIJLING waarop copyright van toepassing is, maar is hier geplaatst met toestemming van de schrijver.

Johanna Maria de Raat

Johanna leefde rond de eeuwwisseling van de achttiende naar de negentiende eeuw. De tijd van Napoleon dus. Zij woonde met haar man en negen kinderen in de Pieterstraat en leefde in bittere armoe. Dat het gezin het erg arm gehad moet hebben valt op te maken uit het beroep dat Johanna uitoefende. Zij was namelijk turftonster. Dit baantje werd doorgaans vergeven aan de allerarmsten, vaak weduwen die een gezin te onderhouden hadden.

De Delftse turfmarkt

Brabantse Turfmarkt (met uiterst links een deel van de Turftonstersbrug), het lossen van een turfschip

De Delftse turfmarkt was een plaats waar veel turf vanuit Brabant werd aangevoerd. De turf was niet alleen bestemd voor Delft, maar ook voor het achterland, tot Leiden aan toe. De turfschipper was accijns verschuldigd wanneer hij turf de stad binnenbracht. Om te beoordelen hoeveel accijns voldaan moesten worden, werd de turf van het schip naar de wal gebracht, alwaar het in tonnen werd verpakt. Aan de hand van het aantal volle tonnen werd berekend wat er door de schipper afgedragen moest worden.
De turf die in Delft bleef diende niet alleen om de huizen mee te verwarmen. Een groot deel werd opgestookt in de vele bierbrouwerijen die de stad rijk was. Echter, in de tijd waarin Johanna leefde, waren er niet veel brouwerijen meer te vinden in Delft.

Werken met turf

Turftonsters

Turftonster was een vrouwenberoep. Arme vrouwen, veelal weduwen met grote gezinnen konden zich als turftonster aanmelden. Met een beetje geluk werden zij uitgekozen om dit zware werk te mogen doen. Naast turftonsters waren er ook turfraapsters en turfhevers. Turfraapsters vulden aan boord van het turfschip manden met turf, welke vervolgens door mannen, de zogenaamde turfhevers, op hun schouder naar de wal gedragen werden. Aan wal werden ze door de tonsters overgeheveld in de eerder genoemde vaten. Met dit werk verdiende Johanna de Raat maar enkele stuivers. Maar zij mocht wel met haar medetonsters de brokstukken turf, die na het werk overbleven, meenemen naar huis als gratis brandstof voor haar kachel.
De bekende Delftse kunstschilder Leonard Bramer maakte tussen 1650 en 1655 een afbeelding van een turftonster en een turfhever. Deze prent, genaamd 'Hael turf', bevindt zich in de collectie van het Prentenkabinet van de Universiteit van Leiden.

Brabantse Turfmarkt te Delft

De afbeelding bij dit hoofdstuk toont een kunstenaarsimpressie van de Brabantse Turfmarkt ten tijde van Johanna Maria de Raat. Op het turfschip is een hever aan het werk terwijl aan wal de tonsters in de weer zijn. Op de achtergrond is de toren van de Nieuwe Kerk zichtbaar.

Ode

Zie deze bijdrage als een ode aan Johanna Maria de Raat en haar collegae, inclusief de turfhevers. Zou het niet mooi zijn als er op de Brabantse Turfmarkt, ter herinnering aan deze mensen, een standbeeld zou verrijzen, uitbeeldend een tonster en een hever?

Noot

Aan de noordzijde van Nieuwe Langendijk was een van de Delftse turfdragers woonachtig. Zijn naam was Pieter Gerritsz Slingerlandt. Hij woonde ter hoogte van het huidige huisnummer 98 (bron: Historisch GIS). Hij was gehuwd met Grietgen Willems Houtvester (ONA-Delft).

Recherche avancée   
Critère 1      --
                        et   ou   sauf
Critère 2      --
                        et   ou   sauf
Critère 3      --
                        et   ou   sauf
Critère 4      --
                        et   ou   sauf
> Classer les r�sultats par  
lancer
Deze website maakt gebruik van cookies. Informatie over cookies