geen gerelateerde objecten/artikelen gevonden.

Schiedamse brandersmolens

From VerhalenWiki

Revision as of 16:58, 27 October 2018 by AdminVerhalenWiki (Talk | contribs) (Bronvermedling)

(diff) ← Older revision | Latest revision (diff) | Newer revision → (diff)
Jump to: navigation, search

Schiedamse brandersmolens en het nieuwe molenmuseum

Aan de rand van de oude binnenstad van Schiedam staat museummolen “De Nieuwe Palmboom”, een mout- of brandersmolen uit 1992. De originele molen uit 1781 werd in het begin van de vorige eeuw door een overslaande brand van stoombranderij ‘De Kraton’ geheel verwoest, waarna slechts een klein gedeelte van de molenromp resteerde. In 1992 heeft de plaatselijke molenstichting, mede vanwege de toegenomen vraag naar ambachtelijke meelproducten, besloten om “De Palmboom” volledig te herbouwen en in te richten met zowel een ambachtelijk maalbedrijf als een museum over het Schiedamse molenverleden. Na het plotselinge overlijden van de bedrijfsleider van het maalbedrijf in 1999 werd er in de molen niet meer op professionele basis gemalen, maar slechts ‘voor de prins’ gedraaid.

Schiedamse brandersmolens: van mout naar jenever

Schiedam staat bekend als de jeneverstad van Nederland. Maar liefst vierhonderd branderijen en distilleerderijen waren er in de oude binnenstad in de afgelopen eeuwen actief. In de 17e eeuw, toen de jeneverproductie in de stad begon te groeien, waren er geen specifieke molens in de stad aanwezig die alleen mout maalden. Het malen van mout geschiedde toen op de aanwezige bakkersmolens, waarvan er een aantal rondom de stad aanwezig waren. Onenigheid tussen branders en molenaars over de geringe capaciteit leidde ertoe dat de branders voor zichtzelf een eigen molen lieten bouwen, “De Brandersmolen”. De bouw van deze molen vormde het startpunt van de ontwikkeling van een nieuwe groep industriemolens met een geheel eigen coöperatieve bedrijfsvoering. Sinds de bouw van “De Brandersmolen” tot het prille begin van de 19e eeuw verrezen er ca. 20 brandersmolens in de stad. Grote, degelijke stenen stellingmolens, die vanwege hun niet geringe stellinghoogte van ca. 18 meter (in Schiedam ‘balie’ genoemd) de hoogste molens ter wereld werden. In tegenstelling tot wat vaak beweerd wordt, waren de Schiedamse molens niet zo hoog vanwege de vraag naar een grote opslagcapaciteit. In tegendeel, uit overlevering is gebleken dat er altijd wel een zolder geheel leeg bleef. De hoogte van de Schiedamse molens moeten we puur zoeken in de windvang. Zoals reeds eerder gemeld stonden er in Schiedam een grote hoeveelheid branderijen, distilleerderijen, mouterijen en pakhuizen. Om zoveel mogelijk rendement uit de inhoud van het pand te halen werden de zolders dan ook vrij laag gehouden, zodat er zoveel mogelijk zolders aangebracht konden worden. Ondanks dat werden deze gebouwen nog aanzienlijk hoog, verschillend van ca. 10 tot 18 meter. De molens moesten dus simpelweg hoger zijn dan deze bebouwing om alle wind te kunnen vangen. Met dat de jeneverindustrie vanaf de 17e eeuw bleef groeien, werden ook de molens steeds aangepast naar de toegenomen vraag naar producten. De eerste brandersmolens in de stad waren vrij rank qua bouw en uitgerust met twee koppels maalstenen. Naarmate het aantal branderijen toenam, steeg ook de vraag naar een grotere productiecapaciteit. De tweede generatie molens waren dan ook forser en groter en uitgerust met drie koppels maalstenen i.p.v. twee. Vier van de zes resterende Schiedamse brandersmolens vertegenwoordigen deze tweede bouwperiode.

“De Kameel”, de jongste in de rij, is een replica van een gelijknamige brandersmolen die de eerste bouwperiode vertegenwoordigd. “De Drie Koornbloemen”, gebouwd in 1770, is een overgangsvorm van de eerste naar de tweede bouwperiode. Alle kinderziektes die deze molen nog had zijn in de latere molens weggepoetst. Halverwege de 19e eeuw verschenen de eerste stoommaalderijen in de stad. Mede vanwege de afname van het aantal distillateurs en branders in de stad en de overstap op andere productiemethoden bleef er weinig werk meer voor de molens over. Veel werden er gesloopt, een aantal molens stapten over op het malen van veevoeders en bakkersmeel en slechts één molen, “De Vrijheid”, bleef in bedrijf voor het malen van o.a. mout. Na een periode van verval werden de resterende molens in de stad stuk voor stuk gerestaureerd. Een bijzondere mijlpaal vormde de herbouw van “De Palmboom”, die daarna werd omgedoopt tot “De Nieuwe Palmboom”. Naast het professionele maalbedrijf wat er in de molen gerund werd (in combinatie met ‘’De Vrijheid”) huisde de molen ook een compleet museum. Vanwege deze unieke combinatie stond de molen bekend als het ‘Nederlands Malend Korenmolenmuseum’.

Nieuw concept

Omdat het museumgedeelte in de molen sinds de herbouw geen modernisering meer had ondergaan werd een algehele herinrichting noodzakelijk. De exploitatie van het museum is tussentijds overgedragen aan het Nationaal Jenevermuseum Schiedam. Het Jenevermuseum heeft vorig jaar het plan geopperd om het Molenmuseum te verplaatsen naar een molen die dichter bij het Jenevermuseum gelegen is. Het zou zo voor de bezoekers eenvoudiger worden om in een kortere tijd de volledige weg van ‘korrel tot borrel’ te volgen en meerdere musea te bezoeken. In het afgelopen jaar is er achter de schermen gewerkt aan de voorbereiding voor de verplaatsing van het museum van “De Nieuwe Palmboom” naar molen “De Walvisch”, gelegen op ca. 250 meter afstand van het Jenevermuseum. Na goedkeuring en vergunningverlening van de gemeente Schiedam, het bestuur van het Jenevermuseum en het bestuur van de Stichting de Schiedamse Molens is er in het afgelopen jaar hard gewerkt aan de ontwikkeling van de tentoonstelling en inhoud. Op 10 juli jl. is de Stichting Restauratiewerkplaats Schiedam gestart met de verbouwing van “De Walvisch”, dat inmiddels in een vergevorderd stadium is. Buiten de herinrichting om krijgt ook de molen een flinke opknapbeurt, met name aan het metselwerk. In tegenstelling tot het oude museum is het nieuwe museum alles behalve traditioneel. Op de eerste museumzolder maakt de bezoeker kennis met de Schiedamse molens door een filmprojectie op de helft van de muur van 4,5 x 11 meter! In deze film wordt de bezoeker onder leiding van een vader en dochter, wiens grootvader molenaar was, meegenomen door de geschiedenis van de Schiedamse brandersmolens. De tweede museumzolder staat in het teken van het werken met de molen. Onderwerpen als het weer, malen en het gaande werk komen hier op een bijzonder interactieve manier aan bod, geflankeerd door diverse oude voorwerpen. Topstuk op deze zolder is het werkende schaalmodel van “De Nieuwe Palmboom”, die centraal in de tentoonstelling staat opgesteld. Op een zolder hoger, de maalzolder, is de molenaar aan het werk en kunnen de bezoekers de werking van de molen en het maalproces ontdekken en ervaren.

Zoals enkele lezers wellicht weten was “De Walvisch” het onderkomen van de gelijknamige molenwinkel, waarin een groot scala plaatselijk gemalen meelproducten werden verkocht. Na de verbouwing zal deze winkel weer terugkeren in De Walvisch en worden samengevoegd met de museumwinkel en museumcafé. Naar verwachting zal de nieuwe museummolen in februari 2018 feestelijk geopend worden. “De Nieuwe Palmboom” is dan museummolen af en zal dienst gaan doen als informatiecentrum van Stichting de Schiedamse Molens. Door deze nieuwe functie zal de molen te bezichtigen blijven.

Bronvermedling

Door: Jesse in ’t Veld, vm. stagiair Nationaal Jenevermuseum Schiedam en vrijwillig molenaar op “De Lelie” in Puttershoek, 2017.

Wikischiedam.jpg

Recherche avancée   
Critère 1      --
                        et   ou   sauf
Critère 2      --
                        et   ou   sauf
Critère 3      --
                        et   ou   sauf
Critère 4      --
                        et   ou   sauf
> Classer les r�sultats par  
lancer
Deze website maakt gebruik van cookies. Informatie over cookies